©Belgaimage

©Belgaimage

Al langer dan een week komen vrouwen in Iran op straat om te demonstreren. Het protest begon toen de 22-jarige Mahsa Amini haar arrestatie niet overleefde. President Ebrahim Raisi antwoordt nu met harde hand op de betogingen.

Mahsa Amini, afkomstig uit het Koerdische gebied in het westen van Iran, was met haar familie op bezoek in de hoofdstad Teheran toen de zogenaamde zedenpolitie haar tegenhield. De agenten wezen haar erop dat ze haar hijab, haar hoofddoek, niet correct droeg. De doek zat te los, waardoor een stukje van haar haar te zien was.

Amini werd hardhandig aangepakt en weggevoerd in een busje. Drie dagen later overleed de jonge vrouw. Volgens de politie had ze in het politiekantoor een hartaanval gekregen, waarna ze in een coma was beland en naar het ziekenhuis werd gebracht.

Hoofddoeken in brand

De familie van de jonge vrouw trok die versie van de feiten in twijfel. Mahsa Amini had immers geen gezondheidsklachten. Zou het misschien kunnen dat ze eerder bezweek aan de rake klappen die ze kreeg?

Na de begrafenis van Amini, op zaterdag 17 september, brak spontaan protest uit. Vele mensen zagen haar dood als een zoveelste bewijs van de onderdrukking van de vrouw in Iran. Sommige vrouwen die uit onvrede de straat op gingen, deden dat zonder hoofddoek. Anderen staken hun hijab in brand. Nog anderen knipten hun haar af.

Schieten op betogers

De zeer conservatieve president Ebrahim Raisi beschouwde dat als een provocatie. Hij riep de ordediensten op om krachtig op te treden. Hij noemt de demonstraties ‘rellen aangestoken door tegenstanders van de veiligheid en vrede in het land’. Veiligheidsagenten kregen de opdracht om niet te aarzelen om op de betogers te schieten. Officieel zijn al zeker 41 mensen omgekomen, maar volgens mensenrechtenorganisaties als Amnesty International zouden de cijfers nog hoger liggen.

VN-secretaris-generaal António Guterres heeft zijn bezorgdheid geuit over ‘de berichten over buitensporig geweld tegen vreedzame demonstranten’. Het Verenigd Koninkrijk en Noorwegen hadden er ook kritiek op. Hun ambassadeurs in Iran kregen al te horen dat Raisi dat absoluut niet kan appreciëren.

Topje van ijsberg

In het Duitse blad Der Spiegel vertelde Midden-Oosten-experte Susanne Koelbl dat ‘de opstand van de vrouwen slechts het zichtbare topje van de ijsberg is’. Ook de zeer slechte economische situatie, het machtsmisbruik bij de overheid en het gebrek aan politieke vrijheden in het land voeden de onvrede van de burgers.

Bloedig verleden

Amnesty International vreest dat president Raisi steeds harder zal optreden. De organisatie wijst naar zijn verleden als viceprocureur van Teheran in de jaren 80. Hij had toen een groot aandeel in het vermoorden van duizenden andersdenkenden. Hij wil heel graag de zieke ayatollah Khamenei opvolgen, de geestelijke leider die in Iran de grootste macht heeft. Om dat te bereiken, wil hij volgens waarnemers nu met zijn harde beleid tonen dat hij zeer geschikt is voor die functie.