Scenes_of_jubilation_as_British_troops_liberate_Brussels,_4_September_1944._BU50875 jaar geleden werd België bevrijd van de Duitse bezetters. In iets meer dan tien dagen veroverden geallieerde troepen het grootste deel van ons land.

Op 2 september 1944 stak het geallieerde leger de Belgische grens over. De geallieerden waren een groep landen die tegen het Duitse leger en zijn medestanders vocht in de Tweede Wereldoorlog. Doornik was de eerste stad die bevrijd werd, voornamelijk door Britten en Amerikanen. De Britten trokken vooral door naar Vlaanderen, waar later ook Canadezen zouden helpen met de bevrijding, de Amerikanen richtten zich voornamelijk op Wallonië. Een dag later trokken de troepen Brussel binnen. Als laatste wapenfeit staken de terugtrekkende Duitsers er het justitiepaleis in brand.

Op 4 september volgde de bevrijding van Antwerpen. Iets meer dan een maand daarna viel op 13 oktober 1944 een eerste V-bom (of vliegende bom) op de stad. De V-bommen, toen een nieuw oorlogswapen, zouden de komende maanden vooral in Antwerpen nog honderden slachtoffers maken. Met de bombardementen hoopten de Duitsers de geallieerde troepen tegen te houden. Het was ook een middel om angst te zaaien onder de bevolking.

Geheim Leger

Tussen 2 en 14 september heroverden de geallieerden het grootste deel van België op de Duitsers. In die periode viel het Geheim Leger, een verzetsbeweging die in de herfst van 1940 ontstond, overal in het land kleine eenheden van het Duitse leger aan. Vooral in het oosten en het noorden vielen er daarbij veel slachtoffers onder verzetsleden. Daar liet de bevrijding immers het langst op zich wachten. Hun acties maakten in veel gevallen een vlotte doortocht van de bevrijders mogelijk. De laatste Duitse soldaten verlieten op 31 januari 1945 het Belgische grondgebied.

Collaborateurs

Na de bevrijding werd er streng opgetreden tegen de collaborateurs, die tijdens de oorlog samenwerkten met de Duitsers. Dat ging vaak gepaard met fysiek geweld en vernederingen: vrouwen werden kaalgeschoren, gevels werden beklad, en huizen werden geplunderd. Vaak gebeurde dat op initiatief van de boze bevolking. Iets meer dan 50 000 mensen werden veroordeeld door de militaire rechtbank.

Ardennenoffensief

Het laatste grote offensief van de Duitsers was de Slag om de Ardennen in december 1944 en januari 1945. Na de zware nederlagen hoopte Duitsland alsnog de strijd te winnen door de haven van Antwerpen te heroveren. Daarvoor moest het leger eerst door de Ardennen, dat in handen was van de Amerikanen.

Het offensief zorgde zowel bij de Duitsers als bij de geallieerden voor duizenden doden. Door hun verzwakte positie konden de Duitsers hun manschappen echter niet vervangen en moesten ze uiteindelijk de strijd staken.